BiGUU (Bibliografie voor de Geschiedenis van de Universiteit Utrecht) is een bibliografische database waarin de titels zijn opgenomen van boeken en tijdschriftartikelen over de geschiedenis van de Universiteit Utrecht.
De Universiteitsbibliotheek Utrecht heeft deze website met zorg samengesteld en werkt de informatie regelmatig bij.
De Universiteitsbibliotheek Utrecht geeft geen garantie over de juistheid of volledigheid van de informatie die op deze site.
In tijden van bezuinigingen op het hoger onderwijs toont de honderdjarige geschiedenis van de Utrechtse Historische Studenten Kring (UHSK) hoe belangrijk studieverenigingen zijn voor de binding tussen studenten, docenten, universiteit en de stad. Aan de hand van diepgravende essays, persoonlijke interviews en columns, verrijkt met divers beeldmateriaal, ontvouwt zich een levendig beeld van generaties geschiedenisstudenten die hun weg zochten binnen de stad Utrecht, de universiteit en de studievereniging. Voor de ene student was de vereniging een vakbond voor de linkse historicus-in-spe, voor de andere een gezelligheidsclub die borrels organiseerde en studieboeken met korting leverde. Voor sommigen was de vereniging een ‘home away from home’ en voor anderen de plaats waar vriendschappen voor het leven werden gesmeed. Het boek biedt een terugblik op honderd jaar academisch onderwijs, studentenleven, en veranderende studentenpopulaties. Er is één constante: binnen de UHSK vinden studenten elkaar, delen zij ervaringen en studeren zij samen geschiedenis. Kortom: een verleden dat verenigt.
Calligraphy is an understudied aspect of the reception of Chinese art in early modern Europe. Chinese visitors to Middelburg (1601) and Amsterdam (1654) first demonstrated it as a cultural practice. Other written samples circulated in the Dutch Republic, an emporium for Chinese goods. This article focuses on a previously unknown participant in this exchange: Anna Maria van Schurman, Europe’s first female university student, who had mastered various Asian scripts and was expected to try her hand at Chinese and Japanese. In 1637 Andreas Colvius sent her samples of East Asian writing to copy ‘by her own hand’. This exchange makes possible a transcultural study of the calligraphic gift. Via the popular writings of Matteo Ricci, Van Schurman’s correspondents may have learned about the role of calligraphy in fostering social relationships in late Ming China. Some of the visual and material qualities of East Asian writing must have made it look like a fitting tribute to a female European scholar of high profile and, in being exchanged as a gift, calligraphy acquired new meanings even while remaining illegible. In seventeenth-century China and Europe, the friendly exchange of calligraphy expressed new forms of sociability.
'Johanna Naber (1859-1941) was een niet-universitair opgeleide, zeer produktieve historica, die vooral biografieën schreef van vrouwen. Tevens was zij een actief feministe. Dit boek, een met cum laude behaalde dissertatie, analyseert Nabers leven en werk als voorbeeld hoe in het begin van de twintigste eeuw vrouwen en vrouwengeschiedenis buiten het officiële historische circuit werden gehouden. Het is een goed geschreven, belangrijke studie met veel theoretische diepgang.' Lotte C. van de Pol, Biblion recensie.
Nadat meisjes in de jaren 1860 tot de nieuwe middelbare scholen waren toegelaten, volgde spoedig hun wens aan de universiteit te kunnen studeren. In Nederland meldden zich in de jaren zeventig van de 19e eeuw de eerste vrouwen. In Utrecht in 1880. Sindsdien nam hun aantal maar heel geleidelijk toe: van 1880 tot en met 1900 werden in Utrecht 119 studentes ingeschreven. In 'De eerste vrouwelijke studenten aan de Universiteit te Utrecht' schetst A. H. Huussen jr. hun sociale achtergrond, evenals hun vooropleiding, de gekozen studierichting en hun studieresultaten. Ook is nagegaan welke carrières zij in de maatschappij maakten.
Het boek beschrijft het turbulente leven van deze patriot, een man met een biculturele achtergrond: zijn vader was Tamil, zijn moeder kwam uit Amsterdam. Ondaatje leidde de volksbeweging in de stad, en met succes: er kwam in 1786 een democratische hervorming van het stadsbestuur. Daarmee was Utrecht de eerste stad in Europa die een (geweldloze!) revolutie met succes afrondde.
In zijn Utrechtse studentenjaren hield J.J.L. te Kate zich liever bezig met de letteren dan met zijn studie theologie. Hij richtte het satirische tijdschrift Braga op, waarin de contemporaine poëzie belachelijk werd gemaakt.